Jaarstukken 2025

menu

Balans

Activa

Activa (bedragen x 1.000

31-12-2025

31-12-2024

Vaste Activa

Immateriele vaste activa

341

358

Kosten onderzoek en ontwikkeling

0

0

Bijdrage in activa aan derden

341

358

Materiele vaste activa

131.718

134.791

Investeringen met een economisch nut

105.300

107.979

Materiele vaste activa econ nut heffingen

3.433

3.581

Investeringen met een maatschappelijk nut

19.675

19.089

Materiele vaste activa maatschappelijk nut

0

0

In erfpacht uitgegeven gronden

3.310

4.142

Financiele vaste activa

33.770

34.477

Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen

20.697

20.697

Leningen aan woningbouwcooperaties

0

4.290

Overige langlopende leningen

13.074

9.491

Totaal Vaste Activa

165.829

169.626

Vlottende activa

Voorraden

36.210

41.352

Onderhanden werk grondexploitatie

36.145

41.287

Grond en hulpstoffen

65

65

Uitzetting kleiner dan 1jaar

65.466

59.028

Overige vorderingen

1.620

1.983

Vorderingen openbare lichamen

606

764

Uitzettingen in 's Rijks schatkist

63.241

56.281

Liquide middelen

5.397

1.218

Kassaldi

39

20

Banksaldi

5.358

1.199

Overlopende activa

19.677

15.941

- Europese overheidslichamen

408

298

- Overige Nederlandse overheidslichamen

11

29

Overige nog te ontvangen bedragen

14.148

14.774

- het Rijk

5.110

840

Totaal Vlottende activa

126.750

117.539

Totaal activa

292.579

287.165

Recht op verliescompensatie krachtens de Wet op vennootschapsbelating 1969

0

0

Passiva

Passiva (bedragen x 1.000

31-12-2025

31-12-2024

Vaste passiva

Eigen vermogen

138.077

118.152

Algemene reserve

36.217

32.020

Bestemmingsreserves

84.632

53.996

Gerealiseerd resultaat

17.227

32.136

Voorzieningen

51.086

42.820

Voorzieningen verplicht., verliezen, risico's

31.944

26.189

Voorzieningen ter egalisatie van kosten

8.097

7.061

Voorzieningen v bijdr aan toekomstige verv.inv

11.045

9.571

Voorzieningen voor middelen van derden

0

0

Vaste schulden

77.565

97.922

Binnenlandse banken en ov fin instellingen

77.391

97.770

Waarborgsommen

174

152

Totaal Vaste passiva

266.727

258.894

Vlottende passiva

Netto vlottende passiva

770

8.787

Kortlopende schulden

770

8.787

Banksaldi

0

0

Kasgeldlening

0

0

Overlopende passiva

25.082

19.484

- overige Nederlandse overheidslichamen

4.959

1.451

- Europese overheidslichamen

32

111

Verplichtingen die het jaar zijn opgebouwd De ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van volgende begrotingsjaren ontvangen van:

8.933

7.826

- het Rijk

10.165

9.054

Overige vooruitontvangen bedr vlg begr.jaar

992

1.041

Totaal Vlottende passiva

25.852

28.271

Totaal passiva

292.579

287.165

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling

Algemene grondslagen voor waardering en resultaatbepaling

De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de voorschriften zoals opgenomen in het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en de verordening ex artikel 212 Gemeentewet, waarin door de gemeenteraad de uitgangspunten voor het financiële beleid, alsmede de regels voor het financiële beheer en voor de inrichting van de financiële organisatie zijn vastgesteld.

De in de onderhavige jaarrekening gehanteerde grondslagen voor waardering en resultaatbepaling zijn gebaseerd op de veronderstelling van continuïteit van de gemeente.

Algemene grondslagen voor opstellen jaarrekening

De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden.

De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden.

Dividenden zijn verantwoord in het jaar waarin het besluit tot toekenning van het dividend door de Algemene vergadering van de vennootschap is genomen.

De algemene uitkering is opgenomen conform de laatste accresmededelingen, die in december 2025 is gepubliceerd.

Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het dienstjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidsgerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaasvindt, te denken valt aan overlopende verlofaanspraken.

De wetgever heeft bepaald dat het Centraal Administratie Kantoor (CAK) de berekening, oplegging en incasso van de eigen bijdragen in het kader van de WMO uitvoert. Als gevolg van privacy redenen hebben de gemeenten niet direct inzicht in de individueel door het CAK berekende eigen bijdrage van de client en kunnen daarom de juistheid en volledigheid van de eigen bijdrage niet vaststellen. Door de systematiek te kiezen van de eigen bijdrage door het CAK, heeft de wetgever in feite bepaald, dat de verantwoordelijkheid voor de juistheid en volledigheid van de eigen bijdrage geen gemeentelijke verantwoordelijk is. Dat betekent dat door de gemeente geen zekerheden over de omvang en hoogte van de eigen bijdragen kunnen krijgen.

Algemene grondslagen voor de Rechtmatigheidsverantwoording

De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening en op basis van de kadernota rechtmatigheid 2025. Dit betekent dat:

  • De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties, alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van art. 17 Financiële verhoudingswet;

  • De financiële rechtmatigheid waaronder het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium het volgende omvat:

    • Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals op 29 januari 2026 door de gemeenteraad is vastgesteld;

    • Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig zijn, waarbij voor een aantal scenario’s in de financiële verordening is beschreven wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn. Voor onder- en overschrijdingen van baten, onderschrijding van lasten en onderschrijding van investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan de gemeenteraad zijn gemeld;

    • Ten aanzien van het M&O criterium is de Frauderisicoanalyse 2023, vastgesteld in 2024, leidend bij het voorkomen en opsporen van misbruik en oneigenlijk gebruik. Omdat alleen bij misbruik sprake is van onrechtmatigheid zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten en onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording. In deze jaarrekening is het bedrag nihil.

  • De verantwoordingsgrens en de rapporteringstolerantie als volgt zijn gehanteerd:

    • Een verantwoordingsgrens van 2% (zijnde 4,7 miljoen) is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording zijn opgenomen;

    • Een rapporteringstolerantie van 100.000 is gehanteerd waarboven fouten en onduidelijkheden voor onacceptabele onrechtmatigheden in de paragraaf bedrijfsvoering zijn opgenomen en toegelicht. In deze jaarrekening is het bedrag nihil.

Balans

De waarderingsgrondslagen worden per balansonderdeel nader toegelicht.

Vaste activa

Immateriële vaste activa

Bijdrage aan activa in eigendom van derden

Deze zijn gewaardeerd tegen het bedrag van de verstrekte bijdrage, verminderd met de afschrijvingen.

Materiële vaste activa

Algemeen

Materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgings- of vervaardigingsprijs. De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten. De vervaardigingsprijs omvat de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige kosten, welke rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend, inclusief de direct te relateren salariskosten. In de vervaardigingsprijs zijn een deel van de indirecte kosten toegerekend. De afschrijving van de materiële vaste activa vindt plaats op basis van een vast percentage of op basis van annuïteiten gebaseerd op de levensduur. Onderstaande de gehanteerde afschrijvingstermijnen:

Categorieën

Afschrijvingstermijn in jaren

Materiële vaste activa met economsich nut

Riolering

Riolering - PVC

50

Riolering - beton

60

Riolering - GVK

70

Elektrische installaties en pompen

15

Gebouwen nieuwbouw

Woonruimten

40

Scholen

40

Renovatie scholen

25

Overige bedrijfsgebouwen

40

Gebouwen niet van steen

15

Liften

20

Renovatie gebouwen verduurzaming

25

Overige renovaties gebouwen

10

Begraafplaatsen

Aanleg begraafplaatsen

40

Algemene akker

40

Ovenbemetseling crematorium

15

Filterinstallatie crematorium

25

Asmolen crematorium

10

Volkstuinen

Aanleg, paden, parkeerplaatsen

25

Watervoorziening

10

Inrichtingen/installaties

Openbare verlichting

25

Technische installaties in bedrijfsgebouwen

15

Parkeerverwijssysteem

10

Veiligheidsvoorzieningen bedrijfsgebouwen

10

Kantoor-, school en kantinemeubilair

10

Eerste inrichting onderwijs

10

Metalen hekwerken

20

Afrasteringen/ballenvangers

10

Verkeersaanduidingen

10

Stemcomputers

10

Software

4

Software - Samenwerking Belastingen

8

Hardware

4

Computerapparatuur en –programmatuur tbv raads- en collegeleden

4

Parkeermeters en –automaten

10

Roodlicht camera

5

Kantine- en keukeninventaris

5

iPad's raadsleden

4

Ondergrondse afvalcontainer - toegangscontrole

5

Ondergrondse afvalcontainer - stalen container

10

Ondergrondse afvalcontainer - betonput

25

Geluidswallen

15

Smartphones

4

Zonnepanelen

10

Stroomkasten

10

Camerasysteem

6

Speedgates parkeervoorziening

10

Verkeerslichten: regelautomaat

15

Verkeerslichten: masten, verkeerslantaarns en bekabelingen

30

Verkeerslichten: detectielussen

10

Verkeerstelapparatuur en snelheidsdisplays

8

Sportinrichting gymzalen en sporthallen (grote onderdelen die vast moeten staan)

15

Audioapparatuur

5

Materieel

Woonwagens

15

Hoogwerkers

10

Trilmachines

10

Tractoren en transportmachines

10

Auto’s

10

Aanhangwagens

10

Containers

10

Grafdelfmachines

10

Schaftwagens

10

Riooljets

8

Maaimachines

5

Versnipperaars

5

Huisvuilauto’s

8

Veegmachines

7

Materieel gladheidsbestrijding

10

Laadschop

10

Minikraan

10

Autokraan civiele techniek

10

Rolsteigers, ladders en loopbruggen

10

Hogedrukreiniger

10

Noodstroomaggregaat

10

Machines timmerwerkplaats

20

Meetauto

10

Vorkheftruck

8

Bezandingswagen

10

Oprijtrailer

10

Schrobzuigmachine

7

Electrocar Schmitz begraafplaats

20

Heggenschaar

10

Meetapparatuur landmeter

5

Meetapparatuur geluidsmeting

10

Materiële vaste activa met maatschappelijk nut

Infrastructuur: bruggen, viaducten, haven- en sluiswerken, kademuren duikers, tunnel enz.

Nieuwbouw

40

Reconstructie en verbeteringen

25

Overige voorzieningen

15

Terreinen: parken, plantsoenen, vijvers, tuinen en speelterreinen

Aanleg

25

Beplanting

15

Beschoeiing

10

Speelvoorzieningen

10

Straatwerk: wegen, straten, pleinen, parkeeropslag en sportterreinen

Aanleg (wegen, straten, pleinen, parkeeropslag en sportterreinen)

35

Reconstructie

25

Straatmeubilair

5

Fietspaden

35

Trottoir

35

Sportvelden natuurgras toplaag

15

Sportvelden natuurgras gehele opbouw inclusief drainage

30

Sportvelden kunstgras toplaag

10

Sportvelden kunstgras funderingslaag

20

Investeringen met economisch nut

Deze materiële vaste activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht. Op grondbezit met economisch nut (buiten de openbare ruimte) wordt niet afgeschreven.

Conform de notitie grondbeleid worden gronden die zijn verworven met het oog op gebiedsontwikkeling, maar waarvoor nog geen operationele grondexploitatie is vastgesteld, opgenomen onder de materiele vaste activa. De gronden met voornemen tot bebouwing/strategische gronden zijn tegen de marktwaarde opgenomen.

Investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven

Dit betreffen investeringen die gedaan zijn voor riolering en het inzamelen van huishoudelijk afval. Op grond van art. 229 lid 1 a en b Gemeentewet worden deze kosten bestreden door belasting te heffen.

Investeringen in openbare ruimte met uitsluitend maatschappelijk nut

Investeringen met een maatschappelijk nut worden, evenals investeringen met een economisch nut, geactiveerd en over de verwachte toekomstige gebruiksduur afgeschreven. De verplichting om alle investeringen te activeren volgens de nieuwe methode geldt alleen voor investeringen die vanaf het begrotingsjaar 2018 worden gedaan.

In erfpacht uitgegeven gronden

Voor in erfpacht uitgegeven gronden geldt de uitgifteprijs van eerste uitgifte als verkrijgingsprijs. Gronden in eeuwigdurende erfpacht worden gewaardeerd tegen registratiewaarde

Financiële vaste activa

Kapitaalverstrekkingen aan woningbouwcorporaties en overige leningen, zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Zo nodig is een voorziening voor de verwachte oninbaarheid in mindering gebracht.

Participaties in het aandelenkapitaal van NV’s en BV’s zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs van de aandelen. Van een deelneming is krachtens artikel 1 lid d BBV sprake als de gemeente participeert in het aandelenkapitaal van een NV of BV.

Vlottende activa

Voorraden

Grond -en hulpstoffen

Grond- en hulpstoffen zijn opgenomen tegen verkrijgings- of vervaardigingsprijs.

Onderhanden werk, grond in exploitatie

De onderhanden werken opgenomen bouwgronden in exploitatie zijn gewaardeerd tegen de vervaardigingsprijs dan wel de lagere marktwaarde. De vervaardigingsprijs omvat de kosten die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend (zoals grondaankopen en kosten van bouw- en woonrijpmaken). De toegerekende rente is gebaseerd op de de omslagrente van 0,24%. Indien een verlies op een exploitatie wordt verwacht, vindt correctie plaats door middel van vorming van een voorziening die wordt gevormd op contante waarde waarbij de disconteringsvoet gelijk is een het maximale meerjarig streefpercentage van de Europese Centrale Bank voor de inflatie binnen de Eurozone. Dit is 2%.

Bij het stelsel van baten en lasten zoals geformuleerd in het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) zijn het toerekeningbeginsel, het voorzichtigheidsbeginsel en het realisatiebeginsel essentiële uitgangspunten. Baten en lasten – en het daaruit vloeiende resultaat – moeten worden toegerekend aan de periode waarin deze zijn gerealiseerd. (Percentage of Completion-methoude). Bij meerjarige projecten betekent dit dat (de verwachte) winst niet pas aan het eind van het project als gerealiseerd moet worden beschouwd, maar gedurende de looptijd van het project tot stand komt en ook als zodanig moet worden verantwoord. Bij het bepalen van de tussentijdse winst is het wel noodzakelijk de nodige voorzichtigheid te betrachten. Om de risico's die samenhangen met de zeer lang lopende projecten te beperken is het uitgangspunt dat de looptijd van de grondexploitatie in beginsel maximaal 10 jaar bedraagt.

Uiteenzetting met een rentetypische looptijd korter dan één jaar

Vorderingen

De vorderingen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt bepaald op basis van geschatte inningskansen.

Liquide middelen en overlopende activa

Deze worden gewaardeerd tegen nominale waarde.

Eigen vermogen

In het BBV worden reserves omschreven als vermogensbestanddelen die als eigen vermogen zijn aan te merken en die vanuit bedrijfseconomisch oogpunt vrij te besteden. De vaststelling van de noodzakelijke omvang en reserves is een zaak van de gemeenteraad. Daarom worden reserves ook wel onderverdeeld in algemene en bestemmingsreserves. Zodra de raad aan een reserve een bepaalde bestemming heeft gegeven, is er sprake van een bestemmingsreserve. Om die reden kunnen bestemmingsreserves naar de situatie per ultimo verslagjaar geen negatieve stand kennen. Heeft een reserve geen bestemming dan wordt het een algemene reserve genoemd. Mutaties in reserves zijn enkel mogelijk op basis van een raadsbesluit genomen voor het einde van het betreffende begrotingsjaar. De reserves worden gewaardeerd tegen nominale waarde.

Vaste passiva

Voorzieningen

Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. De pensioenverplichting ten behoeve van de wethouders en de voorziening wachtgelden zijn echter tegen de contante waarde van de (reeds opgebouwde) toekomstige uitkeringsverplichtingen gewaardeerd. De onderhoudsegalisatievoorzieningen zijn gebaseerd op een meerjarenraming van het uit te voeren groot onderhoud aan (een deel van) de gemeentelijke kapitaalgoederen.

Tot de voorzieningen worden ook gerekend van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden. Voor monumentale panden wordt de componentenbenadering toegepast en geen voorziening gevormd.

Vaste schulden

Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer.

Vlottende passiva

De kortlopende schulden en de overige vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde.

Download pdf